, ,

Sapkuur dag #3

Hoe goed het de eerste dag ging, zo bluh voelde ik me de tweede dag. Vandaag is de derde en laatste dag en WAUW ik voel me zo energiek.

Als ik in mijn koelkast kijk, ben ik ontzettend blij dat ik al drie van de vijf sappen heb gemaakt. Ik kan er meteen één wegdrinken, heel fijn want zo kan ik meteen aan mijn dag beginnen. Ik kan me veel beter concentreren dan gisteren en moet vandaag best veel doen dus dat gaat me gelukkig goed af. Als ik de tweede sap ook op heb en ’s middags trek krijg, baal ik dat ik weer in de keuken moet staan voor een sap. Eigenlijk moet je de trek voor zijn en een paar sappen klaar hebben staan, zodat je ze meteen kan drinken. Want als ik trek heb en ik moet ze nog maken, ben ik al te laat, want dan merk ik toch dat van die simpele dingetjes mis gaan –bijvoorbeeld geen glas onder de juicer zetten en dan nog een paar seconde naar het sap staren dat op het aanrecht stroomt om vervolgens door te hebben wat er fout gaat… –

Die middag heb ik afgesproken met een vriendin en ik neem braaf een sap mee voor het geval ik trek krijg – en dat krijg ik -. ’s Avonds drink ik nog twee sappen en als ik daarna in bed lig en nog trek heb, drink ik nog wat water en val ik al snel in slaap.

The day after

YES! Weer eten! Ik begin met een appel omdat ik geen idee heb hoe mijn maag gaat reageren. Die appel gaat gelukkig goed en wat later neem ik mijn favo ontbijtje: havermout. Dit gaat tot mijn verbazing ook goed.

Daarna: op naar Schiphol om mijn broertje uit te zwaaien – hij gaat voor een half jaar reizen -. Tijdens het afscheid drinken we nog even wat en iedereen bestelt koffie en taart.

IMG_0369

Mijn broertje en ik op Schiphol

En wat moet ik nu?

Ik vraag nog even of ze decafé hebben… helaas dat hebben ze niet. Oke, leuk geprobeerd. Als ik daarna de chocolade muffins zie, hoor ik ze mijn naam roepen. Ik bestel cappuccino en een chocolade muffin. Tot mijn verbazing gaat ook dit er weer goed in en heb ik nul last van mijn buik. Wel word ik ontzettend druk, want: cafeïne (wat ik al zelden drink) en een bom suiker. Maar ach, dat neem ik maar voor lief.

Als ik even later op de weegschaal sta, zie ik dat er ongeveer 1,5 a 2 kilo af is. Ik moet zeggen dat ik de laatste dag wel merkte dat dit er vooral is afgegaan bij mijn buik en heupen. Stiekem trek ik een oude broek aan en die pas ik tot mijn verbazing weer! Ben benieuwd voor hoe lang.

Toegegeven: ik had de detox zwaarder verwacht. Het niet eten is denk ik vooral mentaal ‘zwaar’ omdat je constant met eten geconfronteerd wordt (dat was het bij mij denk ik vooral). Ik voel me ‘the day after’ wel echt heel goed en energiek – misschien ligt het ook aan de koffie?-

Uiteindelijk weet ik natuurlijk niet hoe mijn lichaam er nu van binnen uit ziet na deze ‘reiniging’ en ik moet toegeven dat meteen cafeïne drinken en suiker eten niet echt tactisch is na een detox.

Ik vind het lastig om nu te zeggen om een sap detox aan te raden. Zelf vond ik het interessant om eens uit te proberen en te kijken of ik het vol zou houden. Wel zou ik aanraden om niet fanatiek te sporten, zelf heb ik elke dag yoga gedaan en dat ging heel goed. De sappen zelf maken vergt wel wat tijd, dus als je niet zoveel tijd hebt, moet je het echt strak plannen of een kijkje nemen bij één van de vele juicebarren.

Wel moet ik zeggen dat ik tijdens de detox, eten veel meer ben gaan waarderen. En ik dacht dat ik van mijn eerste paar hapjes veel meer zou genieten. Maar uiteindelijk valt dat ook wel mee als je eenmaal weer eet.

,

Sapkuur dag #2

Eigenlijk zou ik weer moeten beginnen met de sap van gisterenochtend. Maar omdat ik mijn vijfde sap niet heb gehaald, drink ik die nu. Ik merk op dat mijn buik reuze plat is… of lijkt dat maar zo? Ik heb geen trek en drink rustig mijn eerste sapje op.

Vandaag drink ik wel netjes de vijf sapjes op. Weet je nog dat ik vertelde over mijn eerste dag, mijn eerste vieze sapje? Die heb ik vandaag nog een keer gemaakt maar dan de schil er niet bij gedaan: Echt heeeerlijk, kan je nagaan wat zoiets kan doen.

Eigenlijk voel ik me de hele dag een beetje suf. Ik kan me slecht concentreren en heb weinig energie, terwijl ik wel goed heb geslapen. Komt dit door de sapjes? Ik durf het niet te zeggen. Huisgenootjes zie ik heerlijke dingen eten en ik probeer er maar niet naar te kijken.

IMG_0254

Al dit lekkers moet ik weerstaan!

Ondanks dat heb ik niet de behoefte om iets te eten. Dat valt me reuze mee van mezelf (TROTS). Er ligt genoeg voor het pakken dus als ik het echt wilde, had ik het allang gedaan.

Maar dan, de sapjes maken. Want dat is nog een hele klus, eigenlijk is dat vooral het ding waar ik een beetje klaar mee ben, het neemt echt veel tijd in beslag. Ik besluit ’s avonds alvast drie sappen te maken voor de volgende dag, dan hoef ik er nog maar twee te maken op de dag zelf.

Ik ga vroeg mijn bed in. Rond 21.30uur ga ik mijn bed in en lees nog wat maar mijn ogen vallen al snel dicht. Rond 22.00uur lig ik al te slapen. Ben ik zo moe omdat ik alleen maar op sapjes leef? Ik ben benieuwd hoe dag 3 gaat verlopen..

,

Sapkuur dag #1

Goed geslapen – CHECK
Een tikkeltje zenuwachtig voor de sapkuur – CHECK

Om 08.00 uur gaat de wekker en om 08.30 begin ik met een glas lauw/warm water met een halve citroen. Ik ga aan de slag met mijn eerste sapje en pak alle ingrediënten. Terwijl ik ze aan het snijden ben, bedenk ik me dat dit best eens een lekker sapje kan gaan worden. Drie soorten fruit en maar één groente, iets waarvoor ik zelf niet snel zou kiezen. Het sapje kleurt fel oranje en ik heb er helemaal zin in. Ik neem een klein slokje en mijn gezicht verraadt meteen de teleurstelling: BITTER. Ik ruim het slagveld op dat ik zojuist veroorzaakt heb en ga rustig zitten om hopelijk nog te genieten van het eerste sapje – misschien was het eerste slokje even wennen? –

Ik neem nog een paar slokjes er merk dat dit toch echt niet mijn sapje is. Zo snel mogelijk wil ik deze weg hebben, maar dat lukt niet echt. Het komt zelden voor dat ik een zelfgecreëerd sapje niet lekker vind dus een beetje teleurgesteld ben ik wel.

Als ik 1/3 op heb, ga ik zielig doen: “IK WIL NIET MEEHEEER”, denk ik. Met mijn rietje (ik drink alle sapjes deze dagen met rietjes) draai ik rondjes in de sap. Ik bekijk het met één oog en dan met de ander en neem weer een paar slokjes. Als ik weer naar het glas kijk, is er amper iets uit.

Ik neem nog een paar slokken en als er ¼ overblijft, vind ik het wel genoeg geweest. Ik zit ontzettend vol en zet meteen thee om die vieze smaak weg te spoelen.

Om 11.45 krijg ik trek en om 12.15 drink ik mijn tweede sapje. Deze smaakt beter en ik drink mijn glas met moeite helemaal leeg. Niet omdat ie vies is, maar omdat je echt snel vol raakt.

14.45 begin ik aan mijn derde sapje. Ik doe er maar liefst een uur over, wederom omdat zo’n sapje erg vullend is. Ik snap er niets van. Met mijn energie gaat het goed maar ik ben druk bezig waardoor ik niet door heb dat ik het eigenlijk steenkoud heb. Nu komt dat weleens vaker voor en ik trek mijn jas aan – ja, binnen ja. – Maar na mijn derde sapje merk ik opeens dat mijn vingers blauw zijn?! Eigenlijk vind ik het wel grappig, ik maak er foto’s van en stuur ze rond. Ik denk namelijk dat het te maken heeft met de witte vingers die ik vaak krijg als het koud is, ook wel Raynaud fenomeen genaamd. Maar na de foto’s te hebben rond gestuurd krijg ik al snel een paar bezorgde mensen op mijn dak. Dat ik wel moet uitkijken, dat dit echt niet oke is en ik anders maar moet stoppen met die sapkuur. Ik bedenk me dat als het echt niet gaat, ik altijd nog een stuk fruit kan eten maar eigenlijk voel ik me prima dus aan stoppen, denk ik nog niet. Na mijn vingers opgewarmd te hebben worden ze al snel weer normaal en ik drink thee.

De vijf sapjes die ik wilde drinken, lukt niet. Rond 17.00 uur krijg ik trek en uiteindelijk drink ik rond 18.15 mijn vierde sapje op. Of nouja sapje,  het is voornamelijk amandelmelk maar ik doe er ook nog een halve banaan bij voor een beetje extra power (en de lekkere smaak natuurlijk). Daarna ga ik naar de bioscoop, gelukkig maar vijf minuten fietsen. Van de hele dag juicen krijg je een vreemde smaak in je mond dus het is wel fijn als je constant water bij je hebt om lekker te spoelen. De film vind ik razend interessant (‘Spotlight’: aanrader) en ik denk amper aan mijn sapkuur. Als ik een pizza voorbij zie komen in beeld bedenk ik me pas hoe graag ik die wil, maar zonder die sapkuur had ik dat waarschijnlijk ook gedacht. Als de film afgelopen is, heb ik wel echt trek. Gelukkig had ik nog wat van mijn vierde sapje over en ik drink die rustig op na afloop. Eigenlijk heb ik nog best veel energie, dit verbaast me ontzettend! Het lijkt wel of ik hier meer energie van krijg. Mijn buik doet verder ook normaal (misschien omdat ik sowieso al veel groente en fruit eet?) alleen moet ik heel vaak plassen.

Die avond liggen we in bed en ik kan het alleen maar over eten hebben. Hij fantaseert gezellig mee en je wil niet weten hoeveel gerechten er voorbij komen. We bedenken zelfs al wat we na mijn sapkuur gaan eten (PIZZA!).  ’s Avonds droom chocolade die voor mijn neus wegrennen.

,

Waarom een sapkuur?

Drie dagen lang alleen maar sapjes. Wie doet dat nu? Nou, ik ga daar vanaf morgen mee beginnen… en dit is waarom.

Ik maak er geen geheim van dat ik een fanatieke sapjesmaker ben met mijn slowjuicer. Bijna iedere dag maak ik er gebruik van. Maar laatst zag ik de documentaires ‘Fat, Sick and Nearly Dead’ en (meteen erachteraan, ik kon het niet laten) ‘Fat, Sick and Nearly Dead #2’. Bij deze titel denk je al snel aan te dikke mensen die ongezond eten, dus waarom zou ik dit aanraden om te kijken als je bij geen van beide aangesproken voelt? Ook ik kan met trots zeggen dat ik gezond eet en dat ik een prima figuur heb, maar wat extra te weten komen over voeding is nooit verkeerd.

Dit verhaal gaat over een man met een ongezonde levensstijl, een zwaar lichaam en veel kwaaltjes waardoor hij allerlei soorten medicijnen slikt. Op dat moment gooit hij zijn leven om door (uit mijn hoofd) 60 dagen alleen maar sap te drinken. Geen sap van de supermarkt, nee zelfgemaakt sap met de slowjuicer met verse groenten en fruit. Niet alleen valt hij af, hij voelt zich veel beter en tenslotte inspireert hij veel mensen om zelfgemaakte sappen te drinken.

Nu vraag je je misschien af: maar Anouk, waarom ga jij dit doen?
Eigenlijk ben ik ontzettend nieuwsgierig! Ga ik dit volhouden? Wat gebeurt er met mijn lichaam? En hoe zal ik me daarna voelen? Ik kan niet wachten om het te weten.

Maar de allerbelangrijkste reden is toch wel omdat het een hele goede detox is voor je lichaam, want mijn lieve lichaam is zo kapot gemaakt door die mega shots aan chemo’s dat ik wel een ‘opruimingsbeurt’ kan gebruiken.

En dan, wat velen waarschijnlijk het meest interessant vinden, je gaat gewicht verliezen. Dat is het laatste waarvoor ik dat doe, of nog anders gezegd: dit hoeft van mij niet. Maar één dag detoxen vind ik te weinig als ‘opruimbeurt’. Daarom heb ik bewust voor drie dagen gekozen omdat je dan wel alle voordelen meepakt waarvoor een detox bedoeld is: je reset je systeem, je maakt je hele lichaam en al je cellen schoon. Klinkt een beetje vaag misschien? Morgen meer!

Check check

Vanochtend was ik te vinden in het ziekenhuis voor enkele controles. De laatste tijd ga vaak alleen naar deze controles. Eerst vond ik het wel fijn als er iemand mee ging – maar gaf ik dat niet altijd aan.. – toen ik dat eindelijk wel begon aan te geven, vond ik het eigenlijk ook wel fijn om alleen te gaan. Lekker duidelijk ben ik weer ;). Om ervoor te kiezen om alleen naar het ziekenhuis te gaan zijn verschillende redenen:

  • Het is een kwartier fietsen van mijn huis. Meestal gingen mijn ouders mee maar ik vind het een beetje lullig om ze een uur heen en een uur terug te laten rijden voor dat kleine uurtje dat je totaal in het ziekenhuis bent. Ik weet zeker, al zou ik zeggen dat ik het wel zou willen, zouden ze het ook doen. En ja er zijn ook weleens vriendinnen mee geweest als mijn ouders niet konden maar nu vind ik het wel prima zo.
  • Ik heb redelijk vaak controles dus eigenlijk begint het wel te wennen en is het niet meer spannend. Je weet waar je je moet melden, met wie je een afspraak hebt en wat je te wachten staat.
  • En nu eigenlijk de meest belangrijke reden: die paar keer dat ik alleen ging, was ik me veel meer bewust van waar ik was. Klinkt misschien een beetje vaag, want ik weet heus wel dat ik in het ziekenhuis ben. Wat ik hier eigenlijk mee bedoel is dat ik veel meer om me heen kijk als ik alleen ben en toen begon ik me alles veel meer te beseffen. Een paar maanden terug was ik ook alleen naar een afspraak gegaan en ik werd toen zo boos op deze situatie, dat ik zo vaak in het ziekenhuis moest zijn. Terwijl ik naar de volgende afdeling liep, rolde de tranen over mijn wangen en het interesseerde me echt niets dat mensen dit zagen. Ook al duurt zo’n ‘huilbij’ bij mij misschien een minuut, als er iemand bij was geweest had ik die tranen waarschijnlijk toch ingeslikt. Of dit gevoel misschien niet eens gehad. Die maand daarna had ik weer een afspraak en zat ik op de fiets terug naar huis en opeens werd ik emotioneel. Ik zette mijn fiets aan de kant van de weg en weer kwamen de tranen. Dit duurde opnieuw nauwelijks een paar minuten maar het lucht wel op. Het is goed om dat gevoel niet binnen te houden en om dan maar gewoon die tranen te laten gaan – ja, ook al sta je (heel tactisch) aan de kant van de weg – daarna voel ik me weer goed. Ik denk dat het een besef is van wat er allemaal is gebeurd en hoe het nu gaat. Ik bedenk me nu dat wat ik nu schrijf ook aan niemand heb verteld, omdat ik er simpelweg daarna niet meer aan denk.

Nu wil ik met dit stukje niet zielig doen ofzo, maar ik hoor vaak hoe knap iedereen het vindt hoe ‘goed’ ik het doe/deed en hoe positief ik bleef/blijf. Best vreemd eigenlijk, bedenk ik me nu ‘het goed doen’ als je kanker hebt. Want wat is in deze zin goed? Oke ik dwaal af, wat ik hiermee wilde zeggen is dat ik ook wil laat zien dat dik een half jaar na mijn chemo’s het allemaal pas een beetje binnen kwam en dat ik dan ook niet zo ‘stoer’ meer ben 😉 Wat stoer dan ook mag betekenen.

Okeee, terug naar vandaag.

8.15 op dinsdagochtend. Ik loop het ziekenhuis in bedenk me net dat ik misschien toch wel een keer aan die ziekenhuisgeur ga wennen, als ik achter me een vrouw tegen haar man hoor zeggen: ‘het ruikt hier naar ontsmetting’. Ik lach in mezelf en loop naar de afdeling bloedprikken. Ik trek een nummertje en wil net gaan zitten als ik een jong meisje achter me zie. Dit is echt de eerste keer dat ik iemand jonger schat dan mijzelf.  Ze heeft een volle, rode paardenstaart en ik schat haar nog geen 20. “Arm kind”, denk ik “ze heeft nog geen idee wat haar te wachten staat.” Ik zie dat ze hier nog niet zo bekend is en ik kijk naar haar mooie haar dat er binnenkort waarschijnlijk af zal vallen.

Mijn gedachtes worden onderbroken als ik een piepje hoor, ik ben aan de beurt.  Ik vraag of ik een ervaren prikker mag, iets wat ik eigenlijk altijd vraag omdat ik lastig te prikken ben. De één gaat serieuzer met deze vraag om dan de ander. Meestal ga ik bij ‘mijn’ vaste prikker. Dan hoef ik alleen maar te zwaaien naar hem en kan ik vaak meteen doorlopen. We maken een kletspraatje en ondertussen prikt hij in 1x raak en ik voel er niks van. Ik kijk om me heen maar helaas zie ik hem niet. Ik kom bij een jonge vrouw en geef aan dat ik lastig te prikken ben. Ze zegt dat ze het gaat proberen en anders roept ze iemand anders. Ik knik instemmend.

Vier keer misprikken is geen uitzondering bij mij en dat is niet leuk, maar wat het allerergst is: als de naald er al in zit en ze gaan dan zoeken naar mijn ader met de naald, dus een beetje heen en weer in… aaaaah, ik houd op. Dat was dus vandaag… Ik trek wit weg en zeg dat het niet uitmaakt, er komt een andere prikker aan en ze prikt in mijn hand. Geen ideale plek maar het lukt gelukkig in één keer. Mocht je me een keer tegenkomen en je ziet vreemde blauwe plekken op mijn arm, geen zorgen, het is van het bloedprikken 😉

Na het prikken kan ik meteen door naar mijn oncoloog. Zo’n afspraak duurt eigenlijk maar vijf minuten, hij vraagt hoe het gaat, voelt mijn buik en nek en dat is het. Vervolgens loop ik door naar de gynaecologie afdeling. Ik kijk naar de bureaus waar de assistentes zitten en ik zie mijn favo assistente met twee mensen in gesprek. Ik zwaai, ze zwaait enthousiast terug. Wat een lief vrouwtje is dat toch ook.

Al snel word ik omgeroepen door de gynaecoloog. Deze vrouw is niet mijn vaste gynaecoloog maar ik heb met haar wel al een paar keer een afspraak gehad. Dit komt omdat mijn gynaecoloog vaak weg is, naar het buitenland ofzo? Hierdoor komt het weleens voor dat mijn afspraak verzet moet worden. Nu is dat verder geen probleem alleen is het niet echt fijn als je dan iedere keer een ander krijgt. Het is niet je kleine teen die ze gaan checken. En daarbij, je wil ook niet je verhaal iedere keer opnieuw vertellen.

De laatste keer dat ik bij deze vrouw kwam (ik denk twee a drie maanden geleden) had ik aangegeven dat ik een vruchtbaarheidstest wilde doen. Door chemo’s kun je onvruchtbaar worden en ik wilde dat liever nu al weten dan dat ze je dit vertellen als je op dat moment bijvoorbeeld niet zwanger kan worden. Gelukkig kwam uit de test dat ik nu vruchtbaar ben. Maar de gynaecologe had nog verder onderzoek gedaan. Ze had contact opgenomen met een andere arts uit Leiden en mijn situatie voorgelegd, het antwoord van de arts las ze hardop voor. Nu werd ik daar niet veel wijzer van omdat ik 70% van die termen niet begrijp.
“Dus, als ik het even vertaal, is het zo dat ik nu vruchtbaar ben maar dat dit geen garantie is voor de toekomst?”
“Dat klopt. Als je kinderen wil, moet je, in jouw geval, daar niet te lang mee wachten. Dat wil zeggen dat je daar niet op je veertigste aan moet beginnen. Mocht je rond je dertigste geen partner hebben, kun je overwegen om je eitjes te laten invriezen maar dat is een intensief traject en kost veel geld.”

Okeeee. ‘Geen partner gevonden hebt’, klinkt ook lekker lullig – wat een woordgrap – .
Phoee hé, wat moet je dan met deze informatie? Eigenlijk had ik zoiets van: heel goed om dit te weten maar ik laat dit niet mijn toekomst beïnvloeden. Bij iedere vrouw neemt de vruchtbaarheid na een bepaalde periode toch af? Bij mij misschien eerder. Nogmaals, het is heel goed om dit te weten maar hierdoor ga ik nier perse keuzes maken die ik anders niet zou maken (zeg ik nu heel stoer). Dan vraag ik me ook meteen af “Waarom wilde je het dan weten Anouk?”
Deze vraag kan ik meteen beantwoorden: “Dan weet ik waar ik aan toe ben en dan is het allemaal duidelijk.” Onzekerheid is zó irritant.

Na het onderzoek loop ik de gang uit, zwaai nog even naar mijn favo assistente en pak mijn fiets. Drie kwartier later sta ik met een vriendinnetje in de sportschool. Wat een gekke wereld is het toch ook…

Over mijn lijk

Kijk jij het? Nee? Te confronterend? Of kijk je het juist wel omdat het weer net even andere televisie is?

Ik heb het eigenlijk nooit gekeken. Niet perse bewust, maar het leek me allemaal een beetje zielig. Geen zin in. Toen ik net ziek was, kreeg ik een paar keer een opmerking of het geen goed idee was om mee te doen aan het programma ‘Over mijn lijk’. Super heftig als mensen dat tegen je zeggen want de mensen in ‘Over mijn lijk’ zijn ongeneeslijk ziek. Ik ging helemaal niet dood, ik had ‘alleen’ kanker maar ik zou genezen.

Tijdens mijn chemo’s werd er weer een nieuwe serie uitgezonden. Echt niet dat ik dat wilde kijken. Maar nu ben ik een jaar verder en zag ik pas toevallig ‘Over mijn lijk’ voorbij komen. Ik keek er even naar, kreeg kippenvel en er rolde een paar tranen over mijn wangen, iets wat best bijzonder is want ik huil niet zo vaak. Vijf minuutjes had ik maar gekeken, maar wat een bijzondere mensen zag ik voorbij komen. Sindsdien volg ik het.

En ja, ik heb een ‘favoriet’, dat is Eveline (30). Ik weet dondersgoed waarom ze mijn favoriet is, de manier waarop zij de dingen aanpakt en over haar ziekte praat, doet me heel erg aan mezelf denken in die periode. En ja, ik wist wél dat ik beter zou worden maar toch kan ik me heel goed in haar verplaatsen.

“Ik geloof dat positief denken en je sterk voelen een positief effect heeft, het geeft je kracht.” Een uitspraak van Eveline waar ik me helemaal in kan vinden.

Ook werd er deze week aan haar ouders gevraagd of ze boos zijn op de situatie. Ze antwoordden dat ze eerst heel boos waren maar doordat Eveline positief bleef, konden ze er beter mee dealen. Oef, weer zo’n uitspraak die me zo bekend voorkomt.

Ik weet niet hoe het is om een ouder te zijn maar je hoort vaak dat je kind verliezen het ergste is dat je kan overkomen als ouder. Nu zal ik het eens omdraaien. Persoonlijk vond ik het voor mijn ouders het allerergst dat ik kanker had. Oja en voor mijn opa. Maar niet voor mezelf. Toen we net te horen hadden gekregen dat ik ziek was en we terug naar huis reden, vroeg mijn vader of ik anders even langs opa wilde om het te vertellen. Dat was de eerste keer dat ik in tranen uitbarstte. Ik kon het echt niet over mijn hart verkrijgen om tegen mijn opa te vertellen dat zijn kleindochter kanker had.

Op dat moment vond ik mezelf niet zielig, ik vond het ook niet erg voor mezelf. Juist omdat het over jezelf gaat en ik me op dat moment prima voelde. Oef, nu ik deze alinea schrijf wordt ik toch best emotioneel.

Om het ouders gedeelte even af te sluiten: Ik weet nog zo zo goed dat mijn moeder in één van de eerste dagen aan de telefoon was met een vriendin van haar, ze stond in de keuken en ik hoorde haar zeggen: ‘Ik had het zo graag van haar overgenomen, maar dat gaat helaas niet.’ Ik werd boos, of nouja boos, ik liep naar mijn moeder en zei: ‘Mam! Ik wil niet dat je dit zegt. Ik heb het, ik krijg die chemo en zo is het nu eenmaal en het komt allemaal goed.’ Je wil dat gewoon echt niet horen.

Even terug naar Eveline. Zij heeft ervoor gekozen om in de tijd die ze nog heeft verschillende landen te bezoeken met haar familie, vrienden en haar vriend. Allemaal tripjes en iedere keer met iemand anders. Geweldig gewoon als je dit ziet.

Ik zie zoveel positiviteit, zoveel genieten. Alle ‘belangrijke’ dingen worden ineens zo onbelangrijk en het enige wat er nog toe doet is genieten van de mooie dingen. En wat ik haar ook hoorde zeggen: ‘kanker heeft me zoveel gebracht’.

Een heftige uitspraak maar ik kan alleen maar heftig met mijn hoofd ‘JA’ knikken. Ik herken zoveel en dat is best wel fijn. Nu je een jaar verder bent is de storm zo goed als gaan liggen voor mijn omgeving, daar ben ik eigenlijk heel blij mee. Gesprekken gaan niet meer grotendeels over ‘de kanker’, iets wat best wel oplucht maar waarvan ik ondertussen weet dat het ‘erbij hoort’. Want iedere keer dat ik iemand zie die ik een poosje niet heb gezien, gaat het eerst over mijn gezondheid. Tja, wat kan ik erover zeggen, het is natuurlijk ontzettend lief en ik weet ook wel dat het er gewoon ‘bij hoort’. Maar als ik het verhaal dan vertel, lijkt het af en toe nog steeds of ik het over iemand anders heb.

Om als laatste nog even op het programma terug te komen: nog even een applausje en heel veel respect voor de makers van dit programma, dat mag ook wel gezegd worden.

Thankful

Afgelopen week zaten we met z’n viertjes aan tafel te eten: papa, mama, Sven en ik. Iets dat niet zo heel veel voorkomt. Het ‘spectaculaire jaar 2015’ kwam natuurlijk ook even langs en ik kwam openlijk tot de conclusie dat 2015 geen makkelijk jaar is geweest maar dat ik wel echt blij ben met wat ik heb meegemaakt. Blij klinkt misschien een beetje vreemd, laat ik er ‘dankbaar’ van maken.

Het is nu ongeveer een jaar geleden en ik denk dat ik nu op een punt ben dat ik ook wel kan zeggen: als ik mijn leven zelf kon regisseren en ik mocht er dingen uithalen en terug inzetten, dan had ik het hoofdstuk kanker er zeker ingelaten.

Dit zeggende, realiseer ik me ontzettend goed dat dit voor anderen heel vreemd kan klinken. Ik mag namelijk van het grote geluk spreken dat ik kanker heb overleefd en ik weet dat helaas niet iedereen dat kan zeggen.

Mijn ouders en broertje weten dat ik persoonlijk vind dat ik heel veel eraan heb gehad, maar mijn vader stelde me die avond de vraag: “Kan je uitleggen waarom dat dan is?” En dat is dan toch wel een lastige vraag, want hoe ga je dit uitleggen? Er zijn zooooveel dingen, waar moet ik beginnen? Oke oke, ik ga mijn best doen. Want het is eigenlijk best simpel, het zijn vooral de kleine dingen.

Misschien een raar voorbeeld maar tijdens mijn chemo’s kon ik een tijd lang niet simpel de trap op rennen/stormen, iets waar ik heel heel goed in ben. (“Alsof er een kudde olifanten de trap op gaat”, sorry mam).

Maar goed, de trap op lopen was al een hele uitputting. Weet je hoe blij ik was toen ik weer een trap kon oprennen! Ja echt, lach me maar uit maar ik werd daar zo blij van. Ook heb ik een tijd lang niet kunnen fietsen. Ik weet het,  het is belangrijk om te sporten tijdens chemo’s maar in mijn ergste weken kon ik amper onder een douche stappen dus fietsen zat er al helemaal niet in. Toen ik de eerste paar keer daarna op de fiets stapte (tempo slak, maar dat geeft niet) werd ik daar zo blij van. Ja, zelfs als het regende.

Het leven wordt een stuk leuker als je ook van die mini mini dingen geniet. (En nee, dat is voor mij niet alleen de trap op stormen en fietsen, haha.) De kleine dingen waarderen is eigenlijk één van de heel veel dingen die ik heb geleerd maar misschien wel één van de belangrijkste dingen. En eigenlijk is het niet zo moeilijk om van kleine dingen te genieten, alleen staan we er niet zo vaak bij stil.

De kleine dingen

Afgelopen week zaten we met z’n viertjes aan tafel te eten: papa, mama, Sven en ik. Iets dat niet zo heel veel voorkomt. Het ‘spectaculaire jaar 2015’ kwam natuurlijk ook even langs en ik kwam openlijk tot de conclusie dat 2015 geen makkelijk jaar is geweest maar dat ik wel echt blij ben met wat ik heb meegemaakt. Blij klinkt misschien een beetje vreemd, laat ik er ‘dankbaar’ van maken.

Het is nu ongeveer een jaar geleden en ik denk dat ik nu op een punt ben dat ik ook wel kan zeggen: als ik mijn leven zelf kon regisseren en ik mocht er dingen uithalen en terug inzetten, dan had ik het hoofdstuk kanker er zeker ingelaten.

Dit zeggende, realiseer ik me ontzettend goed dat dit voor anderen heel vreemd kan klinken. Ik mag namelijk van het grote geluk spreken dat ik kanker heb overleefd en ik weet dat helaas niet iedereen dat kan zeggen.

Mijn ouders en broertje weten dat ik persoonlijk vind dat ik heel veel eraan heb gehad, maar mijn vader stelde me die avond de vraag: “Kan je uitleggen waarom dat dan is?” En dat is dan toch wel een lastige vraag, want hoe ga je dit uitleggen? Er zijn zooooveel dingen, waar moet ik beginnen? Oke oke, ik ga mijn best doen. Want het is eigenlijk best simpel, het zijn vooral de kleine dingen.

Misschien een raar voorbeeld maar tijdens mijn chemo’s kon ik een tijd lang niet simpel de trap op rennen/stormen, iets waar ik heel heel goed in ben. (“Alsof er een kudde olifanten de trap op gaat”, sorry mam).

Maar goed, de trap op lopen was al een hele uitputting. Weet je hoe blij ik was toen ik weer een trap kon oprennen! Ja echt, lach me maar uit maar ik werd daar zo blij van. Ook heb ik een tijd lang niet kunnen fietsen. Ik weet het,  het is belangrijk om te sporten tijdens chemo’s maar in mijn ergste weken kon ik amper onder een douche stappen dus fietsen zat er al helemaal niet in. Toen ik de eerste paar keer daarna op de fiets stapte (tempo slak, maar dat geeft niet) werd ik daar zo blij van. Ja, zelfs als het regende.

Het leven wordt een stuk leuker als je ook van die mini mini dingen geniet. (En nee, dat is voor mij niet alleen de trap op stormen en fietsen, haha.) De kleine dingen waarderen is eigenlijk één van de heel veel dingen die ik heb geleerd maar misschien wel één van de belangrijkste dingen. En eigenlijk is het niet zo moeilijk om van kleine dingen te genieten, alleen staan we er niet zo vaak bij stil.